Dommissaris

Blog

14 juni 2019

Ik ben een dommissaris. Als ik word gevraagd voor een commissariaat dan zeg ik meteen ‘ja’. Ik laat me graag benoemen, ook al weet ik niets van het bedrijf. Weet je, het is juist goed als je er niet te veel van afweet. Dan ben je onbevangen. Het maakt je objectief. Zuiver. Als je het mij op de man af vraagt, ben ik ook wel een beetje aan die functies gehecht. Ik ben nu eenmaal dol op een beetje invloed. Dat voelt lekker.

We blijven mensen, zeg ik altijd maar. Ik vind die vergoeding elke maand ook wel fijn. Het scheelt ook dat mijn vrouw niet weet dat ik die vergoeding krijg. Nu heb ik een potje om mijn eigen dingen te doen. De reisjes zijn ook wel leuk. We gaan regelmatig met alle commissarissen naar een congres. Singapore bijvoorbeeld. Dat is echt nodig. Ze moeten ook aan de andere kant van de wereld weten dat Curaçao zeer belangrijk is. Best wel vermoeiend dat reizen, ook al gaan we altijd business class. Het is vooral zwaar door het netwerken. Al die lunches en die diners! Er wordt ook het nodige gedronken. Geen water hahahaha. Die voordrachten hoef ik niet te volgen. Ik heb al veel geleerd, het is nu wel genoeg. Ik voel de juiste dingen intuïtief aan. Ik heb daar gevoel voor. Ik hou van mijn eigen stem.

“Bent u ook een dommissaris? Waarschijnlijk niet, want dommissarissen weten dat niet van zichzelf. Ze weten het ook niet van elkaar”

Het maakt me eerlijk gezegd niet zoveel uit of er geluisterd wordt. Mijn relatie met mijn politiek leider is prima. We begrijpen elkaar. We gaan samen door dik en dun. Dat is een veilig gevoel. Voor wat hoort wat. Zo zit de wereld in elkaar. Daarom ben ik ook benoemd als commissaris. Ik heb de juiste vrienden. Daar doe ik dan ook wel wat voor. Met corruptie heeft dat helemaal niets te maken. Wat ik voor mijn vrienden regel, is gebaseerd op echte vriendschap. Iedereen klaagt dat een commissariaat zoveel tijd kost. Ik niet. Je hoeft er ook helemaal niet zoveel tijd aan te besteden. Als ik de stukken al lees, doe ik dat globaal. Dat scheelt enorm in de tijd. Die vergaderingen duren trouwens wel lang. Dat komt door alle belangrijke onderwerpen. Welke? Dat is me even ontgaan. Het zijn wel altijd dezelfde personen die het woord willen hebben. Die klets ik dan steevast onder de tafel. Soms pak ik het anders aan. Dan zwijg ik een hele tijd. Iedereen wordt dan nerveus. Hahaha. Ik ben goed!

Bent u ook een dommissaris? Waarschijnlijk niet, want dommissarissen weten dat niet van zichzelf. Ze weten het ook niet van elkaar. Daarom zijn ze dommissaris. Kent u misschien een dommissaris? Lastig. Wat kan je daaraan doen? Vier dingen: Lozen, Ontpolitiseren, Kwaliteitseisen stellen en Opleiden.

  1. Lozen: Commissarissen die niet deugen moeten in rond Amsterdams opzouten. Zij zijn een last voor de onderneming. De onderneming is ziek en blijft ziek als er geen mechanisme is om onverbeterlijk slecht functionerende commissarissen te lozen.
  2. Ontpolitiseren: Commissarissen mogen geen actieve politieke communicatiekanalen hebben als die kanalen stromen in de richting van de onderneming waarbij zij commissaris zijn. Dat klinkt ingewikkeld maar is het niet. Zowel de OECD richtlijnen voor good governance in zogenaamde SOE’s, State Owed Companies, als de richtlijnen in onze eigen Code Corporate Governance benadrukken dat commissarissen onafhankelijk van de politiek moeten opereren.
  3. Kwaliteitseisen stellen: Dit betekent profielen maken voor individuele commissarissen en goed nadenken over de gewenste samenstelling van deskundigheden in de raad.

Opleiden: Dit betekent het maken van een individueel opleidingsplan per commissaris en een collectief opleidingsplan voor de raad. Dat hoeft echt niet in Singapore. Dat is loko.

Deze blogpost is ook in het Papiaments beschikbaar. Download de PDF versie. De Nederlandse PDF versie is ook beschikbaar als download.

Heeft u zelf een vraag over corporate governance? Mail deze dan naar governance@ekvandoorne.com en wellicht wordt uw vraag in de volgende column behandeld.